Weblogartikel
Megacentra
Blijkbaar is er een aantal vastgoedtycoons veel aan gelegen om midden in ons kleine kikkerland een aantal Mega-grote winkelcentra aan te leggen. Nadat projectontwikkelaars eerst goud hebben verdiend aan het renoveren van stadscentra, gaan ze zich er nu op richten om diezelfde stadscentra op te offeren aan hun verslaving om stenen te stapelen.
In december en januari wijdde Trouw pagina’s (ook van mij, overigens) aan het fenomeen CentrO in Oberhausen, en op 8 april (lezen kranten geen kranten?) stond er weer een heel halleluja stuk over datzelfde CentrO in het AD. Onder de kop “Winkelcentrum groeit uit tot heus pretpark” worden ons nogal eenzijdig de zegeningen van een dergelijk superwinkelcentrum voorgeschoteld. Daarbij gaan niet alleen de schrijvers, zij weten niet beter, maar ook collega Hans Eijsink Smeets volkomen voorbij aan wat voor enorme gevolgen ook slechts een paar van die Megawinkelcentra zouden hebben voor winkeliers, vastgoedbezitters, consumenten én de Staat der Nederlanden. Blijkbaar is iedereen zo gebiologeerd door de kansen die dergelijke centra aan “the happy few” bieden, dat ze vergeten wat de gevolgen elders kunnen zijn. Stel U eens voor dat er dergelijke centra komen bij Hoofddorp, bij Bodegraven, bij Apeldoorn, bij Weert en bij Zevenbergse Hoek. Allemaal plaatsen waarvan een kind kan begrijpen dat ze daar gebouwd zouden moeten worden. Dat zou de nekslag zijn voor de stadscentra van alle grote en middelgrote steden in ons land. Die krijgen zó snel met bedrijfssluitingen te maken dat ze dit niet met nieuwvestiging of inkrimping van die centra kunnen opvangen. De verpauperde binnensteden worden een prooi van criminelen, enorme kapitaalsverliezen voor particulieren, bedrijven én overheden zijn het gevolg en de bewoners leven in een stad zonder hart. Een stad die daarom geen stad meer is. Winkeliers en ketenbedrijven zien zich immers geconfronteerd met een enorme teruggang in omzet, en met een snel dalende dekking van hun bedrijfskapitaal. Terwijl ze tegelijkertijd juist nieuw kapitaal, en nieuwe energie, moeten steken in de nieuw te bouwen consumentenburchten. Het zal snel een probleem worden om nog kapitaal aan te trekken binnen de retailsector. Vele bedrijven, groot én klein, zullen failliet gaan, en honderdduizenden mensen zullen hun werk kwijtraken. Wat zoiets met de financiële staat van ons land gaat doen, mogen anderen eens uitrekenen. Want dat nieuwe generaties dat allemaal mogen gaan betalen, ligt voor de hand.
Maar ook de consument zelf, die dit soort ontwikkelingen met gratis concerten en dierentuinen natuurlijk in eerste instantie prachtig vindt, zal er snel achter komen dat hij niet alleen naar die megacentra kán, maar dat hij daar ook heen móet. Omdat er geen alternatief meer over is. Jaren en jaren achtereen! En dat allemaal omdat een klein groepje mensen nog rijker wil worden dan ze al zijn.
Een doemscenario? Doe als ik, gá naar Oberhausen, en beslis dán of U de gok wilt nemen!
In december en januari wijdde Trouw pagina’s (ook van mij, overigens) aan het fenomeen CentrO in Oberhausen, en op 8 april (lezen kranten geen kranten?) stond er weer een heel halleluja stuk over datzelfde CentrO in het AD. Onder de kop “Winkelcentrum groeit uit tot heus pretpark” worden ons nogal eenzijdig de zegeningen van een dergelijk superwinkelcentrum voorgeschoteld. Daarbij gaan niet alleen de schrijvers, zij weten niet beter, maar ook collega Hans Eijsink Smeets volkomen voorbij aan wat voor enorme gevolgen ook slechts een paar van die Megawinkelcentra zouden hebben voor winkeliers, vastgoedbezitters, consumenten én de Staat der Nederlanden. Blijkbaar is iedereen zo gebiologeerd door de kansen die dergelijke centra aan “the happy few” bieden, dat ze vergeten wat de gevolgen elders kunnen zijn. Stel U eens voor dat er dergelijke centra komen bij Hoofddorp, bij Bodegraven, bij Apeldoorn, bij Weert en bij Zevenbergse Hoek. Allemaal plaatsen waarvan een kind kan begrijpen dat ze daar gebouwd zouden moeten worden. Dat zou de nekslag zijn voor de stadscentra van alle grote en middelgrote steden in ons land. Die krijgen zó snel met bedrijfssluitingen te maken dat ze dit niet met nieuwvestiging of inkrimping van die centra kunnen opvangen. De verpauperde binnensteden worden een prooi van criminelen, enorme kapitaalsverliezen voor particulieren, bedrijven én overheden zijn het gevolg en de bewoners leven in een stad zonder hart. Een stad die daarom geen stad meer is. Winkeliers en ketenbedrijven zien zich immers geconfronteerd met een enorme teruggang in omzet, en met een snel dalende dekking van hun bedrijfskapitaal. Terwijl ze tegelijkertijd juist nieuw kapitaal, en nieuwe energie, moeten steken in de nieuw te bouwen consumentenburchten. Het zal snel een probleem worden om nog kapitaal aan te trekken binnen de retailsector. Vele bedrijven, groot én klein, zullen failliet gaan, en honderdduizenden mensen zullen hun werk kwijtraken. Wat zoiets met de financiële staat van ons land gaat doen, mogen anderen eens uitrekenen. Want dat nieuwe generaties dat allemaal mogen gaan betalen, ligt voor de hand.
Maar ook de consument zelf, die dit soort ontwikkelingen met gratis concerten en dierentuinen natuurlijk in eerste instantie prachtig vindt, zal er snel achter komen dat hij niet alleen naar die megacentra kán, maar dat hij daar ook heen móet. Omdat er geen alternatief meer over is. Jaren en jaren achtereen! En dat allemaal omdat een klein groepje mensen nog rijker wil worden dan ze al zijn.
Een doemscenario? Doe als ik, gá naar Oberhausen, en beslis dán of U de gok wilt nemen!












